Jassen aan, tassen mee en vol goede moed stappen we in onze bus. Het is vandaag Hemelvaart en er is er ook nog eentje jarig. De zon schijnt volop en het beloofd een mooie dag te worden. Op naar een jaarmarkt in Zuid-Limburg. Voor mij erg vroeg om nu al te gaan rijden, maar de anderen kunnen heerlijk nog wat dutten in de bus.
Als we allemaal zitten start ik de motor. Hij slaat aan, maar heel even, want dan slaat het af. Oké, het is een beetje vroeg, dus ik start opnieuw. Te vergeefs. Ik hoor het al aan het geluid. Ik kijk meteen naar de knop voor de verlichting en ja hoor de stadslampen staan aan. Die hebben ervoor gezorgd dat de accu's leeg zijn. Ik probeer het nog een keer. Inmiddels wordt de groep onrustig.
Gelukkig is pake erbij. Die heeft startkabels in zijn auto zitten.
Hij rijdt met zijn auto langs de bus en de boy's stappen ook uit om te helpen. Met veel moeite krijgen ze de motorkap open. Het aansluiten van de startkabels op de bus is een makkie. Maar dan die bijzondere Volkswagen. Waar zitten de accu's eigenlijk??????????
Met z'n drieen duiken ze onder de kap van de auto. Er wordt van alles los gemaakt. Xander doet ook zijn best om mee te kijken. Hij staat het verst af van de auto en houdt in zijn handen de uiteinden van de startkabel. Hij kan het niet goed zien en duikt nog wat dieper onder de motorkap. Ineens zie ik vuurwerk. De vonken schieten alle kanten op. De uiteinden blijven aan elkaar plakken en Xander trekt met volle kracht de twee klemmen van elkaar. Aan zijn gezicht te zien is hij enorm geschrokken. Maar het lukt, de motor slaat aan.
Opgelucht stapt iedereen weer in de auto. We zijn op weg naar het zuiden.
Na een tijdje zie ik Xander voor zich uit te staren, in plaats van dutten. Ik vraag of hij is geschrokken.
Hij knikt: 'Ik ben zo geschrokken dat ik meteen helemaal klaar wakker ben.'
Ik denk dat het niet weer zal gebeuren. En voor de zekerheid hebben we startkabels maar achter in de bus gelegd.
donderdag 24 mei 2018
zondag 6 mei 2018
goed voorbeeld doet goed volgen
We hebben pauze. Ook als we een dagje weggaan moeten we natuurlijk lunchen. Als er iemand jarig is mag die kiezen waar we dat doen.
Inmiddels is in de steden waar we vaker komen de leukste tentjes wel bekend. Ook als je uit eten gaat zijn er tafelmanieren. Je ziet dan ook vaak dat ze eerst even kijken wat ik doe, om vervolgens hetzelfde te doen. Dat is een vorm van veiligheid. Zo begaan ze geen blunders.
Nou is dat niet altijd zo. Vaak als we een milkshake halen, vind ik dat de siroop niet goed wordt gemend met het ijs. Daar nemen ze te weinig tijd voor. Immers tijd is geld.
Het gevolg is dat ik dan de deksel eraf haal, om even goed te roeren. Dit doe ik best vaak, achteraf gezien. Maar ineens viel het me op dat als ik dat had gedaan, iedereen ineens de deksel eraf haalden.
Ik nam me voor om eens te experimenteren. Dus de eerst volgende keer dat we aan de milkshake zaten haalde ik de dop er af. En ja hoor binnen enkele minuten gingen de deksels bij de anderen er ook af.
De keer erop bedacht ik me dat ik het nu maar eens niet ging doen. Je zag in de groep dat er twijfel was en dus ging bij de één de deksel eraf en bij de ander niet. De keer daarop deed ik weer de deksel eraf en ja hoor iedereen volgde.
Dit is een interessant gegeven. Want je bent dus gewoon een levend voorbeeld. Ik ging dus testen of dat je dat ook op andere dingen zou kunnen toepassen. Soms in het weekend zijn er broodjes. Die zijn niet zo groot. De kaasplakken daartegen zijn wel groot.
Bij het eerste broodje pakte ik de kaas. Deed de plak door de helft en belegde mijn broodje, zonder daar iets bij te zeggen. In no time volgde de rest. Zo werd dit een gewoonte, zonder een afspraak hierover. Het leuke is dat er op een geven moment een nieuwe begeleider aanschoof bij het ontbijt. Die pakte een broodje en een plak kaas en vouwde die tussen het broodje.
'oh, dat mag niet.' werd er onmiddellijk geroepen. Wij mogen er maar een halve plak kaas op doen, dus jij ook.'
En dat, terwijl ik er nooit iets over heb gezegd. Hoe machtig is het gegeven dat je een voorbeeld moet zijn voor anderen. Ik wou dat dit meer gebeurde, dan zag de wereld er misschien toch iets anders uit.
donderdag 3 mei 2018
IN DE HEMEL
Ik zit aan tafel om samen met Jeroen te ontbijten. Er hangt een vreemde stilte. Je hoort de vork over de broodplank schrapen. Geluiden van het kauwen op de boterham. Mijn hoofd voelt duf. Ik wrijf erover, maar het helpt niet. Er spookt van alles in mijn hoofd. Het te kort aan slaap breekt me op. Maar ja, het is niet anders.
Al een paar dagen heeft Jeroen een psychose. Dat is heel heftig om van dichtbij mee te maken. De pillen die hij voorgeschreven kreeg maken hem zeer agressief. Gecombineerd met de extreme verwardheid maakt dat we in een achtbaan zitten die voor mijn gevoel wel honderd keren over de kop gaat. Terwijl ik hoogtevrees heb en mijn maag dus van slag raakt.
Hij wil maar niet gaan slapen, want dan wordt hij niet meer wakker. Wij kunnen niet slapen want hij spookt door het hele huis. Om de groep rust te geven hebben we hem een paar dagen geleden meegenomen naar ons huis. Zoiets hebben we nog nooit meegemaakt.
Ik kijk hoe hij zijn boterhamstukjes aan de vork prikt. Geconcentreerd alsof hij één is met de broodstukjes. Nadat het stukje brood aan de vork is geprikt, kijkt hij of er iets achter is gebleven op de broodplank. Hij prikt net zo lang tot alle kruimels aan het brokje zijn vastgeplakt. Hij steekt de vork in de mond en kijkt me aan.
"Wat doe jij nou hier?" vraagt hij zeer verbaasd.
"We zijn samen aan het ontbijten en ik ben al klaar."
"Maar dat kan helemaal niet want jij bent allang dood." Aan zijn gezicht zie ik dat hij dit echt meent.
"Nou ik ben er toch echt hoor, zal ik je even knijpen?"
"Dat kan helemaal niet." hij draait zijn hoofd rond en kijkt de kamer rond, alsof hij iets zoekt. Voor hem is deze beleving echt. Je ziet dat hij het niet begrijpt en zegt "Zouden we dan samen in de hemel zitten?"
Hij kijkt weer om zich heen en merkt op dat dit niet de hemel is. Tja, dan zal het wel niet kloppen.
Ik beaam dat en geef aan dat hij maar beter met de boterham bezig kan zijn. Hij knikt zijn hoofd en prikt het volgende brokje aan zijn vork............
Al een paar dagen heeft Jeroen een psychose. Dat is heel heftig om van dichtbij mee te maken. De pillen die hij voorgeschreven kreeg maken hem zeer agressief. Gecombineerd met de extreme verwardheid maakt dat we in een achtbaan zitten die voor mijn gevoel wel honderd keren over de kop gaat. Terwijl ik hoogtevrees heb en mijn maag dus van slag raakt.
Hij wil maar niet gaan slapen, want dan wordt hij niet meer wakker. Wij kunnen niet slapen want hij spookt door het hele huis. Om de groep rust te geven hebben we hem een paar dagen geleden meegenomen naar ons huis. Zoiets hebben we nog nooit meegemaakt.
Ik kijk hoe hij zijn boterhamstukjes aan de vork prikt. Geconcentreerd alsof hij één is met de broodstukjes. Nadat het stukje brood aan de vork is geprikt, kijkt hij of er iets achter is gebleven op de broodplank. Hij prikt net zo lang tot alle kruimels aan het brokje zijn vastgeplakt. Hij steekt de vork in de mond en kijkt me aan.
"Wat doe jij nou hier?" vraagt hij zeer verbaasd.
"We zijn samen aan het ontbijten en ik ben al klaar."
"Maar dat kan helemaal niet want jij bent allang dood." Aan zijn gezicht zie ik dat hij dit echt meent.
"Nou ik ben er toch echt hoor, zal ik je even knijpen?"
"Dat kan helemaal niet." hij draait zijn hoofd rond en kijkt de kamer rond, alsof hij iets zoekt. Voor hem is deze beleving echt. Je ziet dat hij het niet begrijpt en zegt "Zouden we dan samen in de hemel zitten?"
Hij kijkt weer om zich heen en merkt op dat dit niet de hemel is. Tja, dan zal het wel niet kloppen.
Ik beaam dat en geef aan dat hij maar beter met de boterham bezig kan zijn. Hij knikt zijn hoofd en prikt het volgende brokje aan zijn vork............
maandag 16 april 2018
EVEN STOPPEN....
We hebben een uitje. Een uitje betekent iets leuks doen, zoals een musical bezoeken of bowlen. Als ze aan de beurt zijn mogen ze zelf kiezen wat ze leuk vinden.
Bij een uitje hoort nette kleding. Kleding die de dag te voren gewassen en gestreken wordt. Een nette bloes, met daaronder een nette broek en de zondagse schoenen.
Dit uitje met Durk is winkelen in een grote stad. Hoe dom kan ik zijn om er van uit te gaan dat elke grote stad de koopavond heeft op de donderdag........ verkeerd dus. De winkels zijn gesloten.
We besluiten om naar de pizzeria te gaan. Het is een flink eind lopen. Al lopend gebeurt het soms dat de broek niet op zijn plek wil blijven zitten. Of de broek zakt naar beneden, of de riem gaat ineens open.
Om het euvel te verhelpen roept Durk dat we even moeten blijven staan.
want.............................................................
'Anders val ik van mijn kont af.'
Bij een uitje hoort nette kleding. Kleding die de dag te voren gewassen en gestreken wordt. Een nette bloes, met daaronder een nette broek en de zondagse schoenen.
Dit uitje met Durk is winkelen in een grote stad. Hoe dom kan ik zijn om er van uit te gaan dat elke grote stad de koopavond heeft op de donderdag........ verkeerd dus. De winkels zijn gesloten.
We besluiten om naar de pizzeria te gaan. Het is een flink eind lopen. Al lopend gebeurt het soms dat de broek niet op zijn plek wil blijven zitten. Of de broek zakt naar beneden, of de riem gaat ineens open.
Om het euvel te verhelpen roept Durk dat we even moeten blijven staan.
want.............................................................
'Anders val ik van mijn kont af.'
zondag 8 april 2018
LEVEN ALS GOD IN FRANKRIJK
Ik hoor een doordringend geluid. We zitten in de woonkamer tv te kijken. Het geluid kan ik niet plaatsen in het kader van het programma wat we kijken. Verschrikt sta ik op, het is het noodalarm die ik hoor. Ik spoed me naar achteren. Jeroen heeft een aanval.
We blijven met ons tweeën bij hem. Hij is goed aanspreekbaar maar wil niet van zijn plek komen. Zijn handen zitten geklemd om de beugel aan de wand. Hij knijpt zo hard dat zijn knokkels wit uitslaan. Het gaat mis en ik dien de neusspray toe, conform protocol.
Dan is het even wachten, want hij blijft aanspreekbaar. Ik heb om een hand gevraagd, zodat ik kan checken of hij mij hoort. Ik vraag hem in mijn hand te knijpen. Dat doet hij zo hard dat ik aangeef dat het iets minder mag. Ondanks alles mompelt hij "sorry".
Het duurt te lang, dus herhaal ik het protocol en geef aan dat ze naar Nico moeten bellen voor ondersteuning en ik bel de ambulance. Liggend op de grond met een aantal dekens over hem heen wachten we gelaten op de ambulance.
Als ze zijn gearriveerd nemen ze de zorg even van ons over. Alles wordt gecheckt en omdat zij geen extra medicatie hoeven te geven is het aan hen of hij mag blijven of dat hij mee moet naar het ziekenhuis. Samen met de verpleegkundige neem ik de gegevens door en beantwoord zijn vragen.
Geef aan hoe we het verder afhandelen als hij hier blijft.
Jullie kennis van hoe te handelen is zeer goed en ik laat hem hier. In zijn eigen bed, slaapt hij het best. Hij pakt zijn spullen in en geeft me een hand. Ik loop achter hem aan om ze uit te laten. In de woonkamer gekomen zegt de beste man: 'Zo, jullie leven hier wel als god in Frankrijk zeg.'
Er is niemand die reageert. Ik ben juist blij met een dergelijke opmerking.
'Volgens mij hebben ze jou niet gehoord.' geef ik aan.
Luid en duidelijk herhaalt de man zijn zin: 'Jullie leven als god in Frankrijk, zo mooi is het hier!'
Ze kijken op van hun bezigheid en zwijgen.
Je kunt ze het niet kwalijk nemen. Waar Frankrijk ligt weten ze niet. Ze zijn er ook nooit geweest. En god is niet alleen van Frankrijk. Dus waar heb je het over.
Ach ja, ik was in ieder geval blij met het mooie compliment.
We blijven met ons tweeën bij hem. Hij is goed aanspreekbaar maar wil niet van zijn plek komen. Zijn handen zitten geklemd om de beugel aan de wand. Hij knijpt zo hard dat zijn knokkels wit uitslaan. Het gaat mis en ik dien de neusspray toe, conform protocol.
Dan is het even wachten, want hij blijft aanspreekbaar. Ik heb om een hand gevraagd, zodat ik kan checken of hij mij hoort. Ik vraag hem in mijn hand te knijpen. Dat doet hij zo hard dat ik aangeef dat het iets minder mag. Ondanks alles mompelt hij "sorry".
Het duurt te lang, dus herhaal ik het protocol en geef aan dat ze naar Nico moeten bellen voor ondersteuning en ik bel de ambulance. Liggend op de grond met een aantal dekens over hem heen wachten we gelaten op de ambulance.
Als ze zijn gearriveerd nemen ze de zorg even van ons over. Alles wordt gecheckt en omdat zij geen extra medicatie hoeven te geven is het aan hen of hij mag blijven of dat hij mee moet naar het ziekenhuis. Samen met de verpleegkundige neem ik de gegevens door en beantwoord zijn vragen.
Geef aan hoe we het verder afhandelen als hij hier blijft.
Jullie kennis van hoe te handelen is zeer goed en ik laat hem hier. In zijn eigen bed, slaapt hij het best. Hij pakt zijn spullen in en geeft me een hand. Ik loop achter hem aan om ze uit te laten. In de woonkamer gekomen zegt de beste man: 'Zo, jullie leven hier wel als god in Frankrijk zeg.'
Er is niemand die reageert. Ik ben juist blij met een dergelijke opmerking.
'Volgens mij hebben ze jou niet gehoord.' geef ik aan.
Luid en duidelijk herhaalt de man zijn zin: 'Jullie leven als god in Frankrijk, zo mooi is het hier!'
Ze kijken op van hun bezigheid en zwijgen.
Je kunt ze het niet kwalijk nemen. Waar Frankrijk ligt weten ze niet. Ze zijn er ook nooit geweest. En god is niet alleen van Frankrijk. Dus waar heb je het over.
Ach ja, ik was in ieder geval blij met het mooie compliment.
dinsdag 13 maart 2018
SLAAPDIENST VACATURE
Pioenroos is een kleinschalig wooninitiatief, gevestigd in Bergen L, waar zes mensen wonen met een verstandelijke beperking. Volg jij een opleiding in de maatschappelijke zorg niveau 4 of sph en ben je op zoek naar een bijbaantje dan kunnen wij iets voor jou betekenen.
De slaapdiensten beginnen om 23.00 uur en eindigen op 8.00 uur. Er worden conform de gehandicapten cao 4,5 uur uitbetaald en een kilometervergoeding woon-werk verkeer.
Hebben we jouw interesse gewekt kijk dan voor meer informatie op onze website https://depioenroosbv.com
We nodigen je uit om een kennisafspraak te maken. Je kunt ons bereiken op telefoonnummer 0485-340195. Of mail ons pioenroosas@live.nl.
De slaapdiensten beginnen om 23.00 uur en eindigen op 8.00 uur. Er worden conform de gehandicapten cao 4,5 uur uitbetaald en een kilometervergoeding woon-werk verkeer.
Hebben we jouw interesse gewekt kijk dan voor meer informatie op onze website https://depioenroosbv.com
We nodigen je uit om een kennisafspraak te maken. Je kunt ons bereiken op telefoonnummer 0485-340195. Of mail ons pioenroosas@live.nl.
zondag 11 maart 2018
KLEDING MAKEN DE MAN
Ik was alleen maar op zoek naar een rok. Ik wist zeker dat het in de kledingkast moest liggen. Dus begon ik daar te zoeken. Met de voorjaarsschoonmaak in het verschiet dacht ik secuur aan de slag te gaan.Met plastic zakken toog ik naar boven om de kast eens flink uit te mesten. Als ik een zak vol had met kleding die ik nooit meer zal dragen, knoopte ik het dicht en gooide het via de wenteltrap naar beneden. Een paar uur later kon ik de zakken tellen. Ik schrok er zelf van. Maar liefst twaalf volle zakken. Met kleding die ik al geruime tijd niet meer heb gedragen. Ik wist niet eens dat ik zoveel kleding had.
En de rok die ik zocht? Niet gevonden. Maar ik bekijk het positief : ik heb weer plek voor een nieuwe rok.
Volgende probleem. Wat doe ik met die twaalf zakken? Er zijn inzamelingsplekken. Je kunt het afstaan voor mensen in nood in andere landen. Goed doel, want die hebben het hard nodig. Je kan het ook naar de goederenbank brengen. Dan help je mensen in de buurt. Ik ga voor het laatste. Ook hier zijn mensen die onder de armoede grens leven. Waarom zo ver weg, als hier ook mensen geholpen kunnen worden.
Ik vraag me wel eens af of mensen weten hoe het in grote instellingen gaat. Met de kleding bedoel ik. Ook daar zijn schrijnende gevallen. Mensen die in de steek gelaten zijn door hun familie. Zo ging dat toch, vroeger? Een mens met een verstandelijke beperking moest je zo ver mogelijk elders onderbrengen. Er werd nauwelijks naar hen omgekeken.
Daar zitten dus ook mensen die kleding nodig hebben. Maar omdat er geen familie is die hen ondersteunt hebben ze nauwelijks kleding. Gelukkig zijn er ook mensen waarbij de familie wel zaken voor hen regelen. Die krijgen dan geregeld nieuwe kleding, passende bij de hedendaagse mode. Ook daar is de vraag: Wat doen we met de oude kleding? Die worden gegeven aan de mensen die nauwelijks iets hebben. Zo lopen de meesten toch in goede, mooie kleren.
Mensen helpen? Hoeft niet altijd in Verweggistan. Ze wonen gewoon om de hoek, bij jou in de buurt. Heb je kleding over denk dan eens aan hen.
Abonneren op:
Posts (Atom)





